|
|
| |
|
| Nieuws
voor Vrienden van Kust&Zee |
|
|
 |
Wilde zalm gaat ten onder aan gekweekte
vis |
De wilde zalm dreigt in grote gebieden
waar ook zalm gekweekt wordt volledig uit te sterven. In het toonaangevende
wetenschappelijke tijdschrift Science presenteren wetenschappers
donderdag bewijs dat de populatie wilde zalm in de omgeving van
viskwekerijen in een paar jaar tijd met 80% is teruggelopen. ‘Dat
zal binnen een paar jaar 100% zijn’, aldus de onderzoekers.
De zalmkwekerijen aan de westkust van Canada zijn een bron van
parasitaire zeeluizen. De larven van de zeeluizen drijven rond
op zee, totdat ze een geschikte gastheer tegenkomen. Ze nestelen
zich in de huid en de spieren van de zalmen. Volwassen vissen
kunnen een paar van die parasieten wel hebben, maar jonge zalmen,
op weg van de rivieren naar de open zee leggen het loodje. Het
onderzoek is uitgevoerd voor de Canadese westkust, waar de wilde
zalm in grote gebieden een hindernisbaan moet afleggen langs honderden
drijvende netten waarin hun gekweekte soortgenoten worden gehouden.
Uit eerdere onderzoeken bleek al dat zeeluizen dodelijk kunnen
zijn voor jonge zalm, nu blijkt dat ook uit onderzoek aan de populaties.
In Nederland verkochte gekweekte zalm is vooral afkomstig uit
Noorwegen, Groot-Brittannië en Chili. In deze landen doen
zich ook problemen voor met parasieten, maar ze zijn niet in het
onderzoek meegenomen.
|
|
|
 |
Resten van mysterieuze oerwalvis gevonden |
Het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam
heeft in haar eigen collectie de resten van een 40 miljoen jaar
oude oerwalvis gevonden. Dit heeft een woordvoerder op 18 december
2007 bekendgemaakt. Het gaat om drie wervels die in de periode
1996 tot 2007 uit de Noordzee bij Zeeuws Vlaanderen zijn opgevist.
De fossielen wijken sterk af van de wervels van acht tot tien
miljoen jaar oude baleinwalvissen, die vaak uit de Noordzee worden
opgevist. Uit nader onderzoek bleken de drie wervels van een andere,
nog onbekende soort walvis te zijn, namelijk een oerwalvis behorende
tot de Archaeoceti. De ontdekking bewijst dat oerwalvissen niet
alleen in Azië en Noord-Amerika, maar ook in de Noordzee
leefden. De ontdekte, nog naamloze oerwalvis is nu het oudste,
grote zoogdier van Nederland. De oerwalvisfossielen zijn vanaf
19 december in het museum te zien. |
|
|
 |
Japanse oester in Amsterdamse haven |
| Bij het verwijderen van afmeerpalen
uit de Amerikahaven in Amsterdam werd in december 2007 ontdekt dat
in het diepere en zoutere water drie jaar oude Japanse oesters zaten.
In de Amsterdamse haven is het water aan de oppervlakte nauwelijks
zout, maar op grotere diepte ligt een laag zouter water. Omdat veel
zeewater via de sluizen van IJmuiden in het Noordzeekanaal komt,
en omdat de Amsterdamse zeehaven erg diep is, mengt het zoete en
zoute water slecht. Onder het zoetere oppervlaktewater zit een laag
zout water. Hier kunnen allerlei zeedieren leven, waaronder nu dus
ook oesters. De Japanse oester wordt sinds 1965 op vrij grote schaal
geteeld in de Oosterschelde. In de Waddenzee is het dier in 1983
geïntroduceerd. Daar komt de soort inmiddels in grote banken
voor. Deze wilde exemplaren zijn niet erg geschikt voor consumptie.
Omdat ze dicht op elkaar groeien, krijgen ze een grillige vorm,
waardoor ze moeilijk open zijn te krijgen. |
|
|
 |
Crèche vangt recordaantal
zeehonden op |
Bij de zeehondencrèche in
Pieterburen is in 2007 een recordaantal zeehonden opgevangen.
Vorig jaar werden 359 dieren binnengebracht, tegen 213 in 2006.
Dat meldde zeehondenverzorgster Lenie ’t Hart op 16 januari
2008. Volgens 't Hart heeft de explosieve toename van het aantal
binnengebrachte dieren vooral te maken met de zware stormen van
vorig jaar. Deze stormen, in combinatie met een hoge waterstand,
vonden precies plaats in de periodes dat zeehonden hun jongen
krijgen. Het waren volgens Lenie 't Hart dan ook vooral huilers,
zeehondenpups zonder moeder, die vorig jaar in de crèche
werden opgevangen. |
|
|
 |
Waddenzee cruciaal voor steltlopers |
De Waddenzee is een essentieel gebied
voor vele soorten steltlopers, bewijst het promotieonderzoek van
Meinte Engelmoer van de Rijksuniversiteit Groningen. Hij verzamelde
sinds 1981 gegevens van meer dan 32000 vogels en concludeert dat
de Waddenzee tot de drie meest belangrijke vogelgebieden van de
wereld behoort. Promovendus Engelmoer ving vanaf 1981 meer dan
dertigduizend steltlopers in het waddengebied, om snavellengtes
en andere kenmerken zoals gewicht op te meten. Ook nam hij drieduizend
dode dieren uit verschillende musea op het noordelijk halfrond
onder de loep. Met de gegevens heeft hij een gedetailleerd beeld
opgesteld van populaties steltlopers, hun specifieke broedgebied,
aantallen, hun leeftijd en lichaamsgewicht. Ook bieden de gegevens
meer zicht op de verspreiding en activiteiten van de vogel in
het waddengebied. De steltlopers zitten niet zomaar overal in
en rond de Waddenzee, maar gebruiken verschillende stukjes wad
voor verschillende doeleinden. Zo strijken steltlopers langs de
kust even neer om weer snel verder te trekken. Op de eilanden
worden echter veel langer gebivakkeerd, onder andere om te ruien.
Dit doen ze niet op het vaste land. |
|
|
 |
Haaien eindelijk op EU agenda |
| Haaien en roggen komen in alle wereldzeeën
voor en bezoeken ook de Waddenzee vanuit de Noordzee. Maar zij worden
ook wereldwijd bedreigd door overbevissing en habitatverlies. In
1999 heeft de FAO een Internationaal Actieplan voor haaien aangenomen
binnen het kader van Verantwoord Vissen (Code of Conduct for Responsible
Fisheries). Nu, bijna 10 jaar later is de EU bezig met het opzetten
van een eigen actieplan. De Waddenvereniging is lid van Seas At
Risk en heeft een bijdrage geleverd aan de inspraakronde voor NGO’s
die 15 februari is gesloten.
Haaien en roggen hebben een sleutelpositie in het mariene ecosysteem
als top predator. Zij leven in kustgebieden, in diep water en
in de open oceaan. Sommige soorten, zoals de blauwe haai, migreren
over de hele Noord-Atlantische oceaan op zoek naar voedsel en
beschutte plekken om zich voort te planten. De reuzenhaai (zie
foto) zwemt honderden kilometers op zoek naar plankton. De trage
voortplanting en het grote formaat van de meeste soorten maakt
hen extra kwetsbaar. Meer dan 30% van alle soorten in de Europese
zeeën staat op een lijst van bedreigde diersoorten volgens
internationale criteria van de IUCN.
Roggen en haaien verblijven tegenwoordig niet permanent in de
Waddenzee, maar vroeger was er een gezonde populatie stekelroggen
in de Nederlandse kustwateren en de Waddenzee. Door overbevissing
op de Noordzee en door verlies aan geschikte en beschutte plekken
om de eikapsels af te zetten is dit niet meer zo. Roggen zijn
heel aaibaar, zoals blijkt uit de aantrekkingskracht van deze
dieren in aquaria. Maar ook haaien zijn heel bijzonder en lang
niet zo gevaarlijk als wordt verondersteld. Wereldwijd komen er
meer mensen om door een dodelijke bijensteek dan door een haaienaanval.
Hoofdoelstellingen van het EU-brede Actieplan voor haaien en roggen
zijn:
1. het verbeteren van de kennis over de soorten en hun rol in
het ecosysteem en van de kennis over de visserij op deze dieren;
2. het waarborgen van een duurzame visserij en een goede regulering
van de bijvangsten;
3. het waarborgen van een samenhangende aanpak in visserijbeleid
tussen de EU en andere landen.
|
| |
|
|